Een paar dagen na aanschaf van de camera was 31 december 2020 bij uitstek een dag om de camera eens uit te proberen. Wel even wennen het is toch even iets anders als de Nikon D800E body. Zeg maar rond uit kolossaal. Daarnaast beschikt de camera niet over enige afdichtingen tegen stof en vocht. Het strand is daarom niet echt de beste plek voor een dergelijke camera. Dus met enige voorzichtigheid en bedacht zijn op stuivend zand toch even op het strand geweest. De 105-210mm lens er op en wat verschillende dingen uitgeprobeerd.

Wat direct opviel was dat ik totaal niets heb aan de weergave op het kleine displaytje op de digitale achterkant. Je kan op het postzegel formaat weinig zien. Daarnaast kloppen de kleuren voor geen meter. (Waarschijnlijk toch de witbalans want ook de RAW bestanden zijn initieel veel te groen.) Het is ook een camera die rustig zijn tijd neemt. Meerdere foto’s achterelkaar, prima maar het duurt een paar seconden voor je er nog eentje kan afdrukken. Geen echte actie fotografie dus.
Goed de AF werkt verbazend vlot en ook accuraat. Alleen ja de 3 beschikbare AF punten zitten in het midden. Dus als je AF gebruikt eerst focussen en dan kaderen, zoals het ook werkte met de compact camera’s in het rolletjes tijdperk.
Als je dan thuis eenmaal de RAW bestanden bekijkt en corrigeert weet je dat je met een 48x36mm CCD sensor wel iets heel bijzonders in handen hebt.
De licht condities waren niet optimaal zeker als je in CMOS termen denkt. Nu is een CCD sensor wat beter in de hoog lichten dan de laaglichten dus dat werd experimenteren.
Zware wolken partijtijen met een laagstaande zon en veel schittering op het water. Al snel bleken de sluitertijden met groot diafragma veel te snel ondanks de lage ISO waarde van 50. Met een diafragma van 8 haalde ik het net met een sluitertijd van 1/4000s wat het snelste is wat de camera kan. De strand foto hiernaast heeft dan ook de volgende exif 1/4000s – F8.0 – ISO 50.

Dit geeft een wat donkerder beeld wat minder de waarheid benaderd. De waarheid is dat je dit zou zien met een donkere zonnebril. De foto links is gemaakt met een sluitertijd van 1/2000s Je ziet de bak licht een stuk duidelijker. Toch is de foto nergens uitgebeten. Zelfs niet in het witte schuim. Iets voor de Nikon wel een uitdaging zou zijn geworden. Ware het niet dat ik daar nog naar een sluitertijd van 1/8000s zou hebben gekund. Wel was de foto dan behoorlijk donkerder geworden om zo de hoog lichten te behouden.
Tja het kan dus wel met een CMOS en zeker met de sensoren van de afgelopen 10 jaar is het geen enkel probleem 2 a 4 stops lichter te bewerken. Immers de ruis is dan nog prima onder controle.
Dat is zo in zo het geval met de modernere sensoren, je belichting in tijdens het fotograferen is nauwelijks interessant zolang je maar niet overbelicht. Ik zal nog wel eens een vergelijk posten met twee foto’s eentje met ISO 3200 en eentje met ISO 100 die beide de zelfde belichtingstijd hebben gehad. Alleen de laatste is in de nabewerking lichter gemaakt.
Nu we het over ruis hebben. De CCD sensor kent geen ruis zolang de foto maar goed belicht is. Alleen de echt donkere partijen hebben ruis die je echt gaat zien als je ze lichter maakt. In de lichte partijen is geen ruis. In deze twee foto’s resulteert dat ook in ragfijne overgangen in de lucht.
Kortom een heerlijke ervaring om met de Mamiya op pad te gaan.
